Skip to main content
Nee zeggen

Zo zeg je nee tegen je baas

In INTERMEDIAIR door Sophie Verschoor, 06-02-2013

Krijg je vaak werk toegeschoven waar je geen tijd voor hebt, of dat helemaal niet bij je takenpakket hoort? Leer het beleefd te weigeren.

Alweer een 60-urige werkweek gedraaid, verstopt achter die stapel rapporten op je bureau? Veel werknemers hebben moeite om nee te zeggen. Ze laten zich keer op keer verleiden om dingen te doen waar ze eigenlijk geen tijd voor hebben of die niets met hun functie te maken hebben. De reden: ze willen gewaardeerd en aardig gevonden worden. Ook is het vaak de baas die het vraagt. Als je nee zegt, sta je misschien wel op straat.

Gevreesde baas

Een leidinggevende die dat soort angsten uitbuit, is niets nieuws onder de zon. Een extreem voorbeeld: The Devil Wears Prada (gebaseerd op een waargebeurd verhaal) waarin de alom gevreesde baas van een New Yorks modetijdschrift haar persoonlijke assistente absurde opdrachten geeft.

Maak een overzicht van je taken

Het is niet voor niets dat ‘nee’ centraal staat in allerlei assertiviteitstrainingen: kom voor jezelf op en laat zien waar je voor staat. Zeg het maar: no, you can’t! ‘Maar dat pakt niet altijd even goed uit’, waarschuwt Peter van der Niet, assertiviteitscoach bij Houthoff Training & Coaching. Hij sprak eens met een boze werkgever die een van zijn werknemers op een assertiviteitscursus had gestuurd. ‘Die zei vervolgens op werkelijk alles nee, dat is ook niet functioneel natuurlijk.’

Van der Niet leert mensen nee te zeggen door ja te zeggen. ‘Maar dan wel onder de juiste condities. Ja, ik kan dat best voor je doen, maar over een week. Die benadering vinden mensen vaak veel minder eng dan botweg ‘nee’ zeggen. En ook de baas kan het beter handelen.’ Voor zoiets er soepel uitkomt, moet je wel eerst op een rijtje hebben hoeveel werk je precies hebt liggen, tipt Van der Niet. Maak daarom elke ochtend een overzicht van wat je allemaal moet doen die dag. Deel het op in taken die urgent zijn en zaken die nog wel even kunnen wachten. Zo weet je of je er nog extra werk bij kunt hebben.

Vat het niet persoonlijk op

Van der Niet: ‘Als iemand nu binnen komt wandelen met een stapel werk, kun jij zonder te stotteren zeggen: prima leg maar op mijn bureau, maar ik moet eerst dit nog afmaken dus dan wordt het wel morgen.’ En als die ander door blijft zeuren? ‘Dan zet je de repeterende grammofoonplaat op: ik snap dat het vervelend voor je is, maar ik kan je nu niet helpen. Het wordt morgen. Druipt je collega vervolgens zichtbaar teleurgesteld af, onthoud dan goed dat het de functionaris is waar je nee tegen hebt gezegd, niet de mens.’

Koop tijd

Toch floept een ‘ja’ zonder die juiste condities er al snel uit. Van der Niet: ‘De eerste zet bij een verzoek is dan ook: koop tijd!’ Linda Houthoff, coach en oprichter van het training- en coachingsbureau, vult aan: ‘Mensen denken altijd dat ze direct met een antwoord moeten komen. Weet je het even niet, kom erop terug: ‘Ik wil er even over nadenken of ik dit project er wel bij kan hebben. Is het oké als ik je dit morgen laat weten?’

Een ding is zeker: alles is beter dan ja zeggen en nee doen. Van der Niet: ‘Dan ben je onbetrouwbaar, worden mensen boos en heb je weer van alles goed te maken. En dat terwijl je het nou juist zo goed bedoelde. Dat kost een hoop tijd en energie.’ 

Andere do’s en dont's 

Do's

  • Begin je zin met ‘Ik’ en wees duidelijk en bondig, tipt Linda Houthoff. ‘Als je collega bijvoorbeeld ziek is en je manager gaat er zomaar vanuit dat je ook haar werk verricht, kun je zeggen: ik vind het toch niet prettig dat je aanneemt dat ik al haar werk erbij ga doen.’
  • Houthoff: 'Toon begrip voor de ander en denk na over alternatieve oplossingen. "Ik vind het prima om samen met jou naar een haalbare oplossing te zoeken."'
  • 'Vermijd woorden als nooit en altijd: "Jij gooit altijd maar werk op mijn bureau." Beter is om op het moment dát het gebeurt, gelijk te reageren. "Ik zie dat je extra werk op mijn bureau gooit. Ik heb liever dat je eerst met mij overlegt of ik hier tijd voor heb."'
  • 'Let op je lichaamstaal: sta of zit rechtop, spreek duidelijk en met overtuiging. Iemand die jou recht in de ogen aankijkt en zijn stem laat dalen, neem je automatisch serieuzer dan iemand die met zijn handen zit te wriemelen en wegkijkt.'
  • 'Wees alert en registreer je primaire gevoel. Voelt iets niet goed, neem dat gevoel dan serieus. Wanneer iemand je een klus in de maag probeert te splitsen omdat "jij dat altijd zo goed doet", voel je aan je water dat je gemanipuleerd wordt.'
  • 'Is een verzoek niet duidelijk, vraag dan door. Wanneer iemand je bijvoorbeeld vraagt een plan uit te werken, vraag dan hoe uitgebreid het plan eigenlijk moet zijn en wanneer het aangeleverd moet zijn. Na deze informatie kun je een betere inschatting maken waar je ‘ja’ of waar je ‘nee’ tegen zegt.'

Dont's

  • Houthoff: 'Smoezen verzinnen om zo niet de confrontatie aan te hoeven gaan. "Hmmm, mijn vriend vindt het niet zo leuk als ik overwerk" in plaats van "Nee, ik ga niet overwerken in het weekend."'
  • 'Denken dat je nu eenmaal zo bent en dat het je toch nooit gaat lukken om grenzen te stellen.'
  • 'Een grote mond opzetten verwarren met assertief gedrag. Dus niet van "Bekijk jij het maar, je denkt toch niet dat ik dat voor jou ga doen!", maar "Nee, ik kan je niet van dienst zijn, wellicht een andere keer."'
  • 'Ja zeggen wanneer je nee bedoelt. Houd op met iedereen te vriend te houden, want uiteindelijk moet je dan altijd iemand teleurstellen en loop je de kans overwerkt te raken. Dus stop met pleasen! Aan een overspannen werknemer heeft niemand iets.'

Vechten tegen de bierkaai

Floor (27) kon ook geen nee zeggen. Het resultaat: een burn-out. ‘Ik was groepsleider in de kinder- en jeugdpsychiatrie en maakte dagelijks behoorlijk heftige incidenten mee. Kinderen die zichzelf bijvoorbeeld wat aandeden of agressief waren tegen de behandelaren. Maar nazorg voor het personeel was er nauwelijks. En zo liet het management nog wel meer steekjes vallen. Het team begon steeds slechter te functioneren. En ik nam meer en meer werk op me, om maar te compenseren wat andere mensen nalieten. Taken die eigenlijk helemaal niet bij mijn functie hoorden. En toen zat ik ineens in het donker op de bank. Opgebrand. Ik heb drie maanden thuis gezeten.’

Achteraf waren er genoeg signalen. Zo was ze altijd maar moe en had ze het hele weekend nodig om bij te tanken. ‘Ken je dat gevoel na een dagje verhuizen? Nou dat had ik na m'n werk, dag in dag uit.’ Ze had het alleen nog maar over haar baan. ‘Ik hing continu met mijn collega’s aan de lijn. Ook ’s avonds en in het weekend.’ Ook haar omgeving zag haar steeds verder afglijden. ‘Mijn vrienden zeiden me dat ik mezelf niet meer was, oppervlakkig, emotieloos. Ik werd nergens meer warm of koud van, maar ik deed dat altijd af met: ik heb het nu gewoon even druk, dat gaat heus wel weer over.’

Haar tips om nee te leren zeggen:

  • 'Zoek uit wat jouw cirkel van invloed is. In hoeverre kun je dingen op je werk eigenlijk veranderen en wat valt buiten die cirkel? Laat de zaken en taken waar je geen invloed op hebt los. Dat vechten tegen de bierkaai, dáár word je doodmoe van en niemand heeft er wat aan. Doe het licht uit en ga naar huis.’
  • 'Zoek uit wat je precieze functieomschrijving is. Om je werk uitdagend te houden, kun je soms echt wel wat extra’s doen, maar stel grenzen. Zo werk ik nu nooit meer over en ik heb daar nog niemand over horen klagen. Je schept júist verwachtingen als je altijd maar ja zegt.’

De naam Floor is gefingeerd.